OVER BAI_

 

 

THE BRUGES ART_INSTITUTE is a romantic place at an old canal in the medieval historic city center, named after the great Ambrogio Spinola, a condottiero and nobleman of the Republic of Genoa. THE BRUGES ART_INSTITUTE is a new constructed bay along the square named after the Flemish Primitive painter Jan van Eyck. It overlooks the Jesuits St. Walburga Church in late Baroque style in the South and the famous Groeningemuseum and collection in the North. THE BRUGES ART_INSTITUTE is dedicaded to bringing youth and general public close to the best Flemish-Italian and international contemporary creative work and ideas. In this historic noble Ten Vagheviere Residence, the institute is employing a team of teachers, artists, craftsmen and mediators for housing a new Flemish primitive art education center. A Louis Van Hecke refter for students and parents, a Memorial Book bookshop and library, an archisculpture platform, a Flemish-Italian Stereoscopic Company Studio Torino gallery an À tout Vent filmproduction company, an Akzidenz Grotesk winebar by Volatile, a Müller-Vanseveren design factory, a Charles Chaplin workcabin, a Comme Des Garçons Spinola street market, a Rogier Van Der Weyden home theater, a Flemisch-Baroque fountain, and a vibrant Jan De Cock Artist Studio

 

 

 

 

 

THE BRUGES ART_INSTITUTE PROJECT

 

Het hier voorgestelde project is in vele opzichten uniek. Het unieke zit – vanuit een pedagogisch standpunt – niet zozeer in het in contact brengen van leerlingen met hedendaagse kunst, maar wel in de manier waarop dit gebeurt.

Hedendaagse kunst kan als maatschappelijke functie hebben dat ze kritische vragen stelt bij de als normaal beschouwde ordeningen van de werkelijkheid en zo nieuwe perspectieven mogelijk maakt. Op zijn best stelt de hedendaagse kunst dan “trage vragen” zoals Kunneman dit verwoordt: vragen waarop geen snelle antwoorden kunnen gevonden worden, vragen die niet in termen van efficiëntie kunnen beantwoord worden. En trage vragen, vervolgt Kunneman, zijn vragen die wonen waar engagement is. Bijzonder aan dit project is dat die trage vragen, die onderbreking van de “natuurlijke” orde, niet alleen in de school plaatsvinden, maar ook over de school gaan. Over de school als ruimtelijke en tijdelijke afbakening, over de school als conceptualisering van een bepaalde kijk op wat “leren” is, over de relatie tussen school en buurt, over afbakening van “leertijd” en “speeltijd”, …

Doordat de “trage vragen” die dit project stelt, over de school zelf gaan, met andere woorden, over de maatschappelijk ordening waar de leerlingen op dat moment zelf deel van uitmaken, biedt het unieke mogelijkheden tot meta-denken en reflectie, maar ook tot democratisch burgerschap.

De school (scholen) tot wie het project zich richt, wordt gefrequenteerd door leerlingen en leraren waarvan we kunnen verwachten dat zij misschien minder vaak in contact komen met hedendaagse kunst. Het project gaat echter niet uit van een deficit kijk (een kijk op wat de mensen missen of niet kunnen), maar door subtiele veranderingen in de tijdelijke en ruimtelijke ordeningen, doet het beroep op hun potentieel om met onvoorspelbaarheid en diversiteit om te gaan, aldus wellicht vorm gevend aan veranderende relaties onderling.

Net daarom is het ook wenselijk om het project te vergezellen van kwalitatief explorerend onderzoek dat documenteert hoe hiermee spontaan wordt omgegaan, hoe dit zich vertaalt in “leermomenten” in verband met meta-denken (reflectie) en democratisch burgerschap en onder welke condities dit het geval is. Dat betekent onderzoek dat zich niet alleen bezighoudt met “outcomes”, maar vooral ook het proces documenteert en de betekenis die verschillende betrokkenen (schoolpersoneel, leerlingen en eventuele andere betrokkenen) hier aan geven. Op die manier kunnen uit dit pilootproject ook besluiten getrokken worden voor verdere implementatie.

Dank aan Prof. Michel Vandenbroeck – Vakgroep Sociaal Werk en Sociale Pedagogiek – Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen – Universiteit Gent